Alle soortenEendachtigenEenden, ganzen en zwanen › Tafeleend

Tafeleend

Aythya ferina | Common pochard | Porrón europeo

Een duikeend met een opvallend hoog, wigvormig voorhoofd dat vloeiend in de snavel overloopt. Overdag dobberen groepen slapend op diep water; het echte werk gebeurt na zonsondergang.

Tafeleend (Aythya ferina)
Foto: Alexis Lours — CC BY 4.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Overwegend zwijgzaam. Het mannetje geeft tijdens de balts een zacht, opvallend hoog en fluitend wieoeh, dat begint als een gerekte zucht. Het vrouwtje bromt hard en schor, krrarr, vooral bij het opvliegen. Het meest te horen op stille winterdagen tussen januari en maart.

Luister: RoepWikimedia Commons

Opname: Noé Ferrari — CC BY 4.0 · Wikimedia Commons

Herkenning

Gedrongen duikeend met een aflopend profiel van kruin naar snavelpunt. Het mannetje heeft een roodbruine kop, zwarte borst en achterlijf, een zeer bleek grijs gevermiculeerd lichaam en een rode iris. Het vrouwtje is grijsbruin met een warmer bruine kop, een vaag lichte oogstreep en een lichte vlek achter de snavel. In vlucht toont beide een egaal grijze vleugelstreep zonder wit.

Verwarrings­soorten

Kuifeend is zwart-wit en heeft een gele iris en kuif; vrouwtjes verschillen door hun witte vleugelstreep. Amerikaanse tafeleend heeft een steiler voorhoofd, grijzere snavel met zwarte punt en een gelere iris. Witoogeend is veel kleiner en donkerder. Het kenmerkende wigprofiel van kop en snavel beslist meestal direct.

Leefgebied

Diepe, voedselrijke zoetwaterplassen met rietkragen: zandwinplassen, meren, kanalen, stadsvijvers en stuwmeren. Broedt verborgen in dichte oevervegetatie, vaak in de buurt van meeuwen- of sternenkolonies. Duikt naar waterplanten, zaden en ongewervelden, meestal in ondiep tot matig diep water en veel bij nacht.

Verspreiding en trek

Broedt van Nederland en Midden-Europa oostwaarts tot Centraal-Azië. Nederlandse plassen herbergen in de winter vogels uit Midden- en Oost-Europa. Spanje heeft een belangrijke broedpopulatie in de Ebrodelta, de Albufera en de lagunes van La Mancha, met een sterke instroom van noordelijke vogels in de winter.

  • Jaarrond
  • Broedvogel (zomer)
  • Winter
  • Doortrek
  • Trekrichting
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2024-08-01 – 2026-07-31), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Waar en wanneer kijken

Tel in november of december op een grote zandwinplas of stuwmeer, bij voorkeur laat op de middag als de slaapgroepen actief worden. Werk de groep systematisch af op kopvorm en irriskleur; hybriden met kuifeend en witoogeend zitten juist in dit soort concentraties.

Staat van instandhouding

Wereldwijd als kwetsbaar beoordeeld na een snelle afname. De oorzaken zijn ingewikkeld: verslechterde waterkwaliteit en verlies van waterplanten, botulisme, predatie van nesten door onder meer vos en Amerikaanse nerts, en de afname van beschermende meeuwenkolonies. Ook in Nederland loopt de broedpopulatie duidelijk terug.