Alle soorten › Zangvogels › Buulbuuls › Roodoorbuulbuul
Roodoorbuulbuul | Pycnonotus jocosus
Red-whiskered bulbul | Bulbul orfeo
De roodoorbuulbuul is de mooiste van de drie Europese buulbuuls en de enige die hier niet thuishoort. Hij is wereldwijd een van de meest gehouden kooivogels, en juist daardoor is hij op vier continenten verwilderd. In Europa zit de enige echte populatie in de tuinwijken van Valencia, waar hij teruggaat op ontsnapte vogels.
Geluid
Een luide, vrolijk klinkende reeks van drie tot vier heldere noten, meestal weergegeven als kink-a-djoe of pet-ti-grew, met de nadruk op de laatste noot; in Valencia is het het geluid dat een tuinwijk verraadt. Daarnaast een scherp, opgewonden pit-pit en bij onraad een kwetterend gescheld. De vogels zijn het hele jaar luidruchtig en roepen graag vanaf de top van een boom of vanaf een antenne, het vaakst in de vroege ochtend.
Voor deze soort is nog geen vrij gelicentieerde opname beschikbaar.
Herkenning
Een slanke, lang gestaarte buulbuul met een hoge, spitse en meestal rechtop gedragen zwarte kuif — het meest opvallende kenmerk, ook op afstand en in silhouet. De wang is helderwit en wordt aan de onderrand omzoomd door een zwarte streep die vanuit de zijhals als een korte punt op de borst doorloopt. Achter en onder het oog staat een kleine, dieprode vlek: de 'baard' die de soort haar naam geeft. De bovendelen zijn effen grijsbruin, de onderdelen wit; de onderstaartdekveren zijn karmijnrood. De staart is lang, bruin en aan de punt wit afgezet. Man en vrouw zijn gelijk. Jonge vogels missen de rode wangvlek volledig, hebben een lagere en bruinere kuif en oranjeroze in plaats van rode onderstaartdekveren.
Verwarringssoorten
Verwar hem niet met de roodbuikbuulbuul, die op Fuerteventura broedt en ook op het Spaanse vasteland is opgedoken: die heeft een zwarte kop met een lage, bijna glad aanliggende kuif, een geschubde bruine borst, een zwarte staart met witte punt en wel rode onderstaartdekveren, maar géén rode wangvlek en géén witte wang. De grauwe buulbuul van Noord-Afrika en Tarifa is egaal bruin, zonder kuif en zonder rood. Wie alleen een kuifsilhouet ziet, kan aan een kuifmees denken, maar die is een kwart zo groot en heeft een gespikkelde, driehoekige kuif in plaats van een lange rechte punt.
Leefgebied
In Europa vrijwel uitsluitend stad en voorstad: villawijken met veel tuinen, stadsparken, boomsingels langs de rivierbedding, moestuinen en de sinaasappel- en kakiaanplant van de Valenciaanse huerta. In het oorspronkelijke areaal in Zuid- en Zuidoost-Azië is het een vogel van bosranden, secundair struweel, theeplantages, dorpen en cultuurland tot ongeveer 1500 meter; dicht bos mijdt hij. Het voedsel is grotendeels fruit en bloesem, aangevuld met nectar en insecten. Het nest is een nette kom van twijgen, worteltjes en grassen in een struik of lage boom, vaak met opvallend materiaal als bast, papier of plastic erin verwerkt.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld volgens EUNIS — de Europese standaard voor leefgebieden.
Verspreiding en trek
Van nature in India, de Himalayavoet, Zuid-China en Zuidoost-Azië. Verwilderde populaties bestaan op Mauritius en Réunion, in Australië, op Hawaï, in Florida en in de Golfstaten. In Europa gaat het om één kern: de Turia-vallei bij Valencia, waar de soort sinds ongeveer 2003 wordt gezien en waar rond 2016 zo'n 100 tot 150 vogels zaten, verspreid over meerdere gemeenten en nog altijd groeiend. Kleinere ontsnappingen elders in Spanje, Italië en Frankrijk hebben zich niet gehandhaafd; op de Canarische Eilanden is een beginnende populatie met succes weggevangen.
- Jaarrond
- Winter
- donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Waar en wanneer kijken
Loop van maart tot augustus in de vroege ochtend door de tuinwijken langs de oude Turia-bedding in Valencia en let eerst op het geluid: het luide kink-a-djoe draagt ver en komt bijna altijd van een vogel die vrij op een topje zit. Als je hem eenmaal hoort, is hij makkelijk te vinden — de soort is weinig schuw en foerageert graag in vijgen, moerbeien en kakibomen in voortuinen.
Staat van instandhouding
Wereldwijd niet bedreigd (IUCN: Least Concern), al staat de soort in Thailand en delen van Indochina onder zware druk door vangst voor de kooivogelhandel. In Europa is hij een ingeburgerde exoot die teruggaat op ontsnapte en losgelaten kooivogels. Spanje heeft hem opgenomen in het Catálogo Español de Especies Exóticas Invasoras, wat handel en bezit verbiedt en bestrijding mogelijk maakt. Aangetoonde schade aan inheemse vogels is er in Valencia nog niet, maar elders is de soort berucht: op eilanden verspreidt ze de zaden van invasieve struiken en richt ze schade aan in fruitteelt, en de ervaring is dat ingrijpen alleen zin heeft zolang de populatie klein is.




