Alle soortenFutenFuten › Fuut

Fuut

Podiceps cristatus | Great Crested Grebe | Somormujo lavanco

De fuut is de elegantste duiker van het binnenwater, met zijn slanke witte hals en de kastanjebruine kraag in broedkleed. Zijn spiegeldans in het vroege voorjaar hoort bij de mooiste vogelvertoningen van Europa.

Fuut (Podiceps cristatus)
Foto: Alexis Lours — CC BY 4.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Luidruchtig in het voorjaar: een ver dragend, hard schallend kroa-ah of blaffend krrooh, meestal beantwoord door de partner. Jongen bedelen aanhoudend met een schril, klagend pieuw-pieuw, tot ver in de zomer. Buiten de broedtijd is de soort vrijwel zwijgzaam.

Luister: RoepWikimedia Commons

Opname: Aubrey John Williams — CC BY-SA 4.0 · Wikimedia Commons

Herkenning

Slanke, langhalzige fuut met een dolkvormige roze snavel en een platte kruin. In broedkleed een dubbele zwarte kuif en een oranjebruine, zwart omzoomde halskraag die bij opwinding wordt gespreid. In winterkleed een schoon wit gezicht met donkere kruin en een witte streep boven het oog. Juvenielen hebben een zwart gestreepte kop; in vlucht vallen de witte vleugelvelden op.

Verwarrings­soorten

Roodhalsfuut is compacter, met gele snavelbasis en in de winter grijze wangen, waarbij het donkere gezicht de wenkbrauwstreep opslokt. Geoorde fuut en dodaars zijn veel kleiner en ronder. Winterse futen op zee worden telkens weer voor zeeduikers aangezien; die hebben een dikkere hals en een zwaardere kop.

Leefgebied

Open, matig voedselrijk zoet water met een rand van riet of oeverbegroeiing om het drijvende nest aan vast te maken: plassen, kanalen, zandwinningen, brede sloten en grote rivieren. In de winter ook op kustwateren, havens en grote ondiepe wateren zoals het IJsselmeer.

Verspreiding en trek

Verspreid over heel Europa. In Nederland algemeen op vrijwel elk groter water; bij vorst wijken vogels uit naar zee en de Delta. In Spanje broedt hij op stuwmeren en zoetwaterlagunes in het hele binnenland en in de Ebrodelta, en overwintert hij talrijk op grote embalses en langs de Middellandse Zeekust.

  • Jaarrond
  • Broedvogel (zomer)
  • Winter
  • Doortrek
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2024-08-01 – 2026-07-31), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Waar en wanneer kijken

De baltsdans is voor maart en april: twee vogels zwemmen naar elkaar toe, schudden ritmisch met de kop en verheffen zich soms borst aan borst uit het water met waterplanten in de snavel. Vroege ochtend, windstil water, en blijf op afstand, want verstoorde paren stoppen meteen.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd en in Nederland wijdverspreid, geholpen door het ontstaan van zandwinplassen en schoner water. Knelpunten zijn golfslag van recreatievaart die nesten wegspoelt, verstrikking in achtergelaten vislijn en botulisme in warme zomers. Strenge, lange vorstperiodes kunnen lokaal tot sterfte leiden.

Andere soorten in deze familie

Kuifduiker · Roodhalsfuut · Geoorde fuut · Dodaars